soms stormt het in mijn hoofd
dan cycloneren er de stofjeswolken
die mijn gevoelens reguleren
ongecontroleerd door mijn systeem

ik probeer ze net als regendruppels
wel eens op te vangen, mond open
armen wijd, handpalmen omhoog
de ogen dicht, want ik toch niet helder zien
rondjes draaiend in de wind

misschien vang ik zo wat zonnedruppels
die mijn dagen konden kleuren 
toen het geluk nog alomvattend was
ik tol en tol en tol tot ik drijfnat van de bui
mijn ogen droog de warmte nood

als mijn blik dan is ontdaan van troebelheid
hoop ik ten diepste dat er niemand is
die heeft gezien hoe zwaar dit onweer was
en hoe ik worstelde met het bestaan
en tegelijkertijd is daar die vraag
waarom er niemand is geweest die in de storm
mij vaderlijk omarmde, een schuilplaats bood
en in deze worsteling mij zag

Teken zomaar iets wat er nu in je op komt

Dit delen: