door Hugo Vos | jan 19, 2019
De borsten van mijn moeder (Dat moet toch wel in het begin?) Mijn knuffelbeer met buikgeluid (Zachte krullen op katoen) Het stuur van mijn rode driewieler (Rechts koud ijzer want een handvat stuk) De hand van mijn vader (Groot en eeltig en met groeven) De deurknop van...
door Hugo Vos | jan 18, 2019
Kleine stofjes razen Over de snelweg van mijn brein Vrachtverkeer vol informatie Voor ’t menselijk oog te klein In een drukte van jewelste Een netwerk vol verkeer Met ladingen vol toekomst En vrachten vol weleer Opslag en distributie ’t Wordt moeiteloos volbracht De...
door Hugo Vos | jan 17, 2019
Dat schepen naar de kelder gaan is algemeen bekend Naar zolders gaan ze niet zo vaak dat is men niet gewend Ik zou zo graag een kelder hebben om met mijn schip naar toe te gaan Maar men bouwt zo weinig kelders meer dat tijdperk is -helaas- vergaan Waar moet ik met...
door Hugo Vos | jan 16, 2019
Daar vloog flikkerendonverwachtmijn mesde punt gerichtvlijmscherp Haar prooimijn voetkwetsbaaronwetendmaar razendsnelopzij KUT!Dit woord gerichtvlijmscherpop mijn onhandigheidontviel mehaar prooi mijn zielkwetsbaaronwetendmaar tergend traagwerd vol geraakt Teken iets...
door Hugo Vos | jan 16, 2019
Gastdichter: Willemien Benedictus KoelkastversNaast mijn koelkast staat een bakje met een bonte verzameling magneetwoordjes waarmee je eindeloos kunt variëren. De tijd die ik sta te verdoen tot de eieren koken, of tot de oven warm is vul ik door te grabbelen in dat...