innerlijk gevecht

iets is mijn lichaam ingedrongen ’t hing al een tijdje in de lucht infiltreerde neusslijmvlies bloedbaan en longen ’t gebeurde in een vloek en zucht tijdens een hand, een hug, of kus het pakte mij heel onverhoeds ‘k kon er niet eens voor op de vlucht zo...

Grieplied

(Op de wijze van zilv’ren draden tussen t goud) ‘k Lig wat bleek tussen de dekens ‘k Staar verhit naar het plafond ’t Voelt alsof ik zo kan breken `k Wou dat ik nog praten kon Heel mijn lijf voelt als een vloertapijt Uitgeleefd en vol met mijt...

arme ik

door de hitte bevangen lig ik zwetend in bed ik ben ondanks de zomer in de griepstand gezet nu ben ik koortsdromend naar wat ijs aan ’t verlangen Teken hoe warm het vandaag is